Minister Hans Hillen (Defensie) heeft maandag de families en vrienden van 7 gesneuvelde militairen de nagedachtenisoorkonde en de bijbehorende sculptuur overhandigd.
Dat heeft een woordvoerder van het ministerie van Defensie dinsdag gemeld. De oorkonde werd in Den Haag aan de nabestaanden overhandigd.
Op de Prinses Julianakazerne werden de overleden militairen herdacht en geëerd door hun dierbaren, minister Hans Hillen, Commandant der Strijdkracht Peter van Uhm en andere commandanten.
Hans Hillen zei tot de nabestaanden: “Vaak wordt gesproken over het hoogste offer dat de gesneuvelde militair heeft gebracht. Minder vaak wordt beseft dat ook de familie het hoogste offer heeft gebracht. Ik wil graag stilstaan bij wat dat voor het thuisfront betekent.”
Tijdens de bijeenkomst herdachten de aanwezigen 4 militairen die in 2010 tijdens hun missie in Afghanistan overleden. 1 van hen stierf een natuurlijke dood, de 3 anderen kwamen om bij een aanslag met een geïmproviseerd explosief (IED).
Verder was er aandacht voor 3 militairen die eind jaren vijftig de dood vonden in Nieuw-Guinea.
Oorkondetraditie
De nagedachtenisoorkonde is sinds 2008 met terugwerkende kracht in ere hersteld. De oorkondetraditie, die ooit werd ondertekend door de minister van Oorlog, raakte eind jaren veertig van de vorige eeuw in onbruik.
Besloten is om de oorkonde in gemoderniseerde vorm in ere te herstellen. Dit gaat samen met een tastbare herinnering in de vorm van een speciaal hiervoor ontworpen sculptuur.
Kunstenaar Ad Haring heeft het bronzen beeldhouwwerk speciaal voor dit doel vervaardigd. Tot nu toe zijn er 182 oorkondes met bijbehorende sculptuur uitgereikt.
Nederland leidde van augustus 2006 tot augustus 2010 de provincie Uruzgan in het zuiden van Afghanistan. De Nederlandse missie in het Aziatische land heeft aan 25 militairen het leven gekost.
Posts tonen met het label slachtoffers Nederland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label slachtoffers Nederland. Alle posts tonen
dinsdag 4 oktober 2011
Nagedachtenisoorkonde als eerbetoon voor 7 gesneuvelde soldaten
Labels:
Ad Haring,
Hillen,
minister van Oorlog,
nagedachtenisoorkonde,
Nieuw-Guinea,
Peter van Uhm,
Prinses Julianakazerne,
slachtoffers Nederland,
uruzgan
zaterdag 3 september 2011
Michael Donkervoort krijgt postuum gevechtsinsigne voor F-16-vlieger
Kapitein Michael Donkervoort heeft deze week postuum het gevechtsinsigne voor F-16-vliegers ontvangen. Donkervoort verongelukte op 31 augustus 2006 in Afghanistan tijdens een missie met zijn F-16.
Dat heeft een woordvoerder van het ministerie van Defensie vrijdag gemeld. Ook 4 andere F-16-piloten ontvingen bij deze gelegenheid een insigne voor gevechtsacties in Afghanistan in 2006.
De uitreiking van de insignes vond afgelopen woensdag plaats. Op 31 augustus herdenken collega’s jaarlijks het overlijden van kapitein Donkervoort.
Donkervoort kreeg het gevechtsinsigne voor de wapeninzet die hij met zijn F-16 uitvoerde een week voor zijn ongeval. De weduwe en de ouders van de piloot namen de onderscheiding in ontvangst.
Defensie meldt dat brigadegeneraal Jan Peter Spijk en kolonel Bertil van Geel de andere 4 insignes uitreikten aan kapitein buiten dienst Lenz, kapitein buiten dienst Bijdevaate, majoor Van der Jagt en kolonel Van Geel.
Jan Peter Spijk was in 2006 de Nederlandse contingentscommandant in Afghanistan. Kolonel Bertil van Geel was indertijd commandant van het F-16-detachement.
Het ministerie van Defensie noemt het najaar van 2006 “een intensieve periode waarin de Nederlandse F-16’s veelvuldig in actie kwamen om Nederlandse, Amerikaanse, Britse en Canadese grondtroepen te ondersteunen”.
De toestellen kwamen voornamelijk in actie in de Zuid-Afghaanse provincies Uruzgan, Helmand en Kandahar en waren toen nog gestationeerd op het vliegveld van de Afghaanse hoofdstad Kabul.
Een gevechtsinsigne wordt toegekend aan soldaten die op een adequate manier hebben gehandeld tijdens een militaire operatie, waarbij sprake was van vijandelijk optreden met direct vuur of vergelijkbare gevechtsomstandigheden.
Michael Donkervoort werd op 7 september 2006 met beperkte militaire eer begraven. Het ministerie van Defensie meldde destijds dat zijn begrafenis "indrukwekkend, overweldigend en emotioneel" was.
De Nederlandse missie in Afghanistan heeft sinds 2006 aan 25 militairen het leven gekost.
Dat heeft een woordvoerder van het ministerie van Defensie vrijdag gemeld. Ook 4 andere F-16-piloten ontvingen bij deze gelegenheid een insigne voor gevechtsacties in Afghanistan in 2006.
De uitreiking van de insignes vond afgelopen woensdag plaats. Op 31 augustus herdenken collega’s jaarlijks het overlijden van kapitein Donkervoort.
Donkervoort kreeg het gevechtsinsigne voor de wapeninzet die hij met zijn F-16 uitvoerde een week voor zijn ongeval. De weduwe en de ouders van de piloot namen de onderscheiding in ontvangst.
Defensie meldt dat brigadegeneraal Jan Peter Spijk en kolonel Bertil van Geel de andere 4 insignes uitreikten aan kapitein buiten dienst Lenz, kapitein buiten dienst Bijdevaate, majoor Van der Jagt en kolonel Van Geel.
Jan Peter Spijk was in 2006 de Nederlandse contingentscommandant in Afghanistan. Kolonel Bertil van Geel was indertijd commandant van het F-16-detachement.
Het ministerie van Defensie noemt het najaar van 2006 “een intensieve periode waarin de Nederlandse F-16’s veelvuldig in actie kwamen om Nederlandse, Amerikaanse, Britse en Canadese grondtroepen te ondersteunen”.
De toestellen kwamen voornamelijk in actie in de Zuid-Afghaanse provincies Uruzgan, Helmand en Kandahar en waren toen nog gestationeerd op het vliegveld van de Afghaanse hoofdstad Kabul.
Een gevechtsinsigne wordt toegekend aan soldaten die op een adequate manier hebben gehandeld tijdens een militaire operatie, waarbij sprake was van vijandelijk optreden met direct vuur of vergelijkbare gevechtsomstandigheden.
Michael Donkervoort werd op 7 september 2006 met beperkte militaire eer begraven. Het ministerie van Defensie meldde destijds dat zijn begrafenis "indrukwekkend, overweldigend en emotioneel" was.
De Nederlandse missie in Afghanistan heeft sinds 2006 aan 25 militairen het leven gekost.
Labels:
f-16,
Michael Donkervoort,
slachtoffers Nederland,
uruzgan
dinsdag 19 april 2011
Redeployment Task Force Uruzgan keert zelf terug uit Afghanistan
De eenheid die het personeel en materieel uit Uruzgan terugbracht naar Nederland, de terugverplaatsingseenheid, keert zelf huiswaarts. De taken zijn overgedragen aan het National Support Element op het vliegveld van Kandahar.
Dat heeft een woordvoerder van het ministerie van Defensie maandag gemeld. Zaterdag droeg commandant luitenant-kolonel Robin Schoonen op Kandahar Airfield de taken van de Redeployment Task Force over aan de Nederlandse ondersteuningseenheid, het National Support Element (NSE), dat onder bevel staat van majoor Bas Homfeld.
Het NSE bestaat uit militairen van alle krijgsmachtdelen. Zij verrichten logistieke werkzaamheden voor de Nederlandse troepen die in Afghanistan verblijven, zoals bevoorrading en de levering van diensten zoals transport, onderhoud, legering, voeding en veldpost.
De Redeployment Task Force vertrok in juli 2010 naar Afghanistan om de vooruitgeschoven posten en de Nederlandse bases in Uruzgan op te breken.
De afgelopen maanden werkten zij vanaf Kandahar Airfield om te bekijken welk materiaal teruggaat naar Nederland, wat in Afghanistan achterblijft en wat voor de politietrainingsmissie in Kunduz gebruikt kan worden.
Oplevering kamp
De Nederlandse ondersteuningseenheid maakt de komende tijd het werk af waar de Redeployment Task Force niet meer aan is toegekomen, zoals het leegruimen en de oplevering van het Nederlandse kamp op de vliegbasis Kandahar.
Bij de Zuid-Afghaanse stad Kandahar zijn onder meer nog 4 F-16’s gestationeerd en het Nederlands contingentscommando is er gevestigd.
Daarnaast staan er nog 90 containers en 60 voertuigen gereed voor transport, zoals Bushmaster- en Patria-pantservoertuigen en MB-terreinwagens voor de missie in Kunduz.
Naar verwachting komen de militairen van de terugverplaatsingseenheid eind deze week aan in Nederland.
Ondertussen zijn in Kunduz de kwartiermakers voor de nieuwe politietrainingsmissie aan het werk, die officieel waarschijnlijk deze zomer begint.
Nederland leidde van augustus 2006 tot augustus 2010 voor de NAVO het Provinciaal Reconstructie Team in de provincie Uruzgan. De Nederlandse deelname aan de oorlog in Afghanistan heeft aan 25 militairen het leven gekost.
Dat heeft een woordvoerder van het ministerie van Defensie maandag gemeld. Zaterdag droeg commandant luitenant-kolonel Robin Schoonen op Kandahar Airfield de taken van de Redeployment Task Force over aan de Nederlandse ondersteuningseenheid, het National Support Element (NSE), dat onder bevel staat van majoor Bas Homfeld.
Het NSE bestaat uit militairen van alle krijgsmachtdelen. Zij verrichten logistieke werkzaamheden voor de Nederlandse troepen die in Afghanistan verblijven, zoals bevoorrading en de levering van diensten zoals transport, onderhoud, legering, voeding en veldpost.
De Redeployment Task Force vertrok in juli 2010 naar Afghanistan om de vooruitgeschoven posten en de Nederlandse bases in Uruzgan op te breken.
De afgelopen maanden werkten zij vanaf Kandahar Airfield om te bekijken welk materiaal teruggaat naar Nederland, wat in Afghanistan achterblijft en wat voor de politietrainingsmissie in Kunduz gebruikt kan worden.
Oplevering kamp
De Nederlandse ondersteuningseenheid maakt de komende tijd het werk af waar de Redeployment Task Force niet meer aan is toegekomen, zoals het leegruimen en de oplevering van het Nederlandse kamp op de vliegbasis Kandahar.
Bij de Zuid-Afghaanse stad Kandahar zijn onder meer nog 4 F-16’s gestationeerd en het Nederlands contingentscommando is er gevestigd.
Daarnaast staan er nog 90 containers en 60 voertuigen gereed voor transport, zoals Bushmaster- en Patria-pantservoertuigen en MB-terreinwagens voor de missie in Kunduz.
Naar verwachting komen de militairen van de terugverplaatsingseenheid eind deze week aan in Nederland.
Ondertussen zijn in Kunduz de kwartiermakers voor de nieuwe politietrainingsmissie aan het werk, die officieel waarschijnlijk deze zomer begint.
Nederland leidde van augustus 2006 tot augustus 2010 voor de NAVO het Provinciaal Reconstructie Team in de provincie Uruzgan. De Nederlandse deelname aan de oorlog in Afghanistan heeft aan 25 militairen het leven gekost.
Labels:
Bas Homfeld,
Kandahar,
Kandahar Airfield,
kwartiermakers,
National Support Element,
NSE,
Redeployment Task Force,
Robin Schoonen,
slachtoffers Nederland,
uruzgan
Abonneren op:
Posts (Atom)